Ter zee
Op jonge leeftijd wilde ik al gaan varen, niet bij de marine of op een binnenvaartschip, maar de grote zeeën op. Na de Hogere Zeevaartschool ben ik gaan varen bij de KNSM. Eerst als assistent scheepswerktuigkundige en in de jaren daarna ben ik opgeklommen tot 3e werktuigkundige. In die tijd ben ik getrouwd. Ik ben gestopt met varen toen de kinderen werden geboren. Van veel collega’s had ik verhalen gehoord dat als ze een half jaar of langer weg waren geweest de kinderen hun eigen vader niet meer herkenden. Dat wilde ik niet, dus was het voor mij solliciteren naar een baan aan de wal.
Te land
Ik kwam bij een Hoogheemraadschap terecht en daarna bij een installatiebedrijf. Ik ben tien jaar projectleider geweest en heb daar het beheer en onderhoud van gebouwen geleerd. In 1993 ben ik als zelfstandige begonnen, omdat ik bij mijn toenmalige werkgever niet die kwaliteit van onderhoud kon bieden die ik voor ogen had en waar ik trots op kon zijn. Omdat de start nooit makkelijk is, pakte ik van alles aan. Ik ging werken bij een grote onderhoudsfirma waar ik onder andere inventarisaties deed en onderhoudsplannen en begrotingen maakte. In het ‘veld’ kwam ik steeds weer de matige staat van onderhoud tegen en zo ben ik eigenlijk al begonnen met wat wij toen ‘statusbepalingen’ noemden. Nu noemen we het conditiemetingen.
Inmiddels werken vastgoedinspecteurs met de NEN 2767 en kunnen we installaties en gebouwen objectief beoordelen. Toen ik met de statusbepalingen begon, was deze norm er nog niet. Daardoor konden installaties verschillend beoordeeld worden en ontstonden er verschillen in de status van de installaties.
Veiligheid
Ik heb heel veel plezier in mijn werk. Ik kom overal in Nederland en zie van alles. Dat is geweldig. Als ik echter iets zie dat onveilig is, benoem ik het. Ook als het op dat moment niet met de inspectie als zodanig te maken heeft. Er kunnen tenslotte levens op het spel staan. Wat ik bijvoorbeeld niet snap, is waarom er zoveel daken zijn zonder goede vaste trappen, terwijl de kosten hiervan echt niet opwegen tegen iemand die thuis komt te zitten.
Streven naar perfectie
Ik doe mijn werk altijd voor 100%, ik streef naar perfectie en kan niet anders. Soms zie ik mannen in pak een conditiemeting doen. Dat gaat er bij mij niet in. Je moet ergens in kruipen of op klimmen om écht te zien hoe het zit, anders kun je net zo goed achter je bureau blijven zitten. Perfectie zit hem voor mij ook in het verlengen van de levensduur van technische installaties door het optimaliseren van het onderhoud. ‘Goed huisvaderschap’ is dan volgens mij essentieel: geen goede installaties of onderdelen vervangen (ook al zijn ze volgens de begroting aan het einde van hun levensduur), afblijven van installaties die goed werken (natuurlijk wel onderhoud uitvoeren, maar niets doen waardoor de installatie ontregeld kan raken) en kostenbesparingen realiseren waar mogelijk.
Dat is GMC, daar sta ik voor.